De Stichting Stade heeft een Raad van Toezicht en een Bestuur. De statuten geven invulling aan de positie en bevoegdheden van beiden. De statuten zijn opgenomen op deze website. In aanvulling daarop beschikt de Stichting Stade over een Reglement Raad van Toezicht Stichting Stade en een Reglement Bestuur Stichting Stade. Deze beide reglementen kunt u hieronder downloaden (pdf-bestanden). Vervolgens vindt u informatie over de personen die lid zijn van de Raad van Toezicht en het Bestuur.
Samenstelling van de Raad van Toezicht Stichting Stade
| Naam |
Datum herbenoeming |
Datum aftreden |
|
Mevrouw F.M. Alsem (voorzitter)
|
1 januari 2014 |
1 januari 2018 |
| De heer P.J. van der Schaaf |
|
1 juli 2013 |
| Mevrouw M. Smit- Van den Ham |
1 januari 2013 |
1 januari 2017 |
| De heer R.V. Bijl |
1 januari 2014 |
1 januari 2018 |
| De heer P.J. Mehlkopf |
|
1 januari 2016 |
Over de leden van de Raad van Toezicht
Ineke Alsem heeft na de Sociale Academie gewerkt als maatschappelijk werker in ziekenhuizen. In dat vak heeft zij ook vervolgopleidingen gevolgd, zoals de Voortgezette Agogische Beroepsopleiding en een studiejaar Ziekenhuiswetenschappen. Naast haar werk was zij actief in de Beroepsvereniging voor Maatschappelijk Werkers en maakte deel uit van adviescommissies van de Nationale Raad voor de Volksgezondheid. Zij volgde de opleiding Hoger Management voor Non-profit organisaties en kreeg een leidinggevende functie in het ziekenhuis-maatschappelijk werk.
In 1989 veranderde zij van werkkring en werd senior beleidsmedewerker bij de Maatschappelijk Ondernemersgroep, de brancheorganisatie voor welzijn, jeugdzorg en kinderopvang. Daar deed zij politieke lobby en belangenbehartiging voor de sector welzijn. Het betrof de portefeuilles onderwijs en arbeidsmarkt, welzijn ouderen, AWBZ en wonen-welzijn-zorg. De laatste jaren bij de MOgroep was zij portefeuillehouder Wmo (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) met als aandachtspunt de strategische positionering van welzijnsorganisaties.
In de avonduren ging zij studeren aan de Vrije Universiteit in Amsterdam aan de faculteit Sociaal-Culturele Wetenschappen en haalde haar doctoraal in 1995. Inmiddels was zij actief geworden in de VVD, als lid van de commissie Liberaal Manifest en in verschillende commissies die zich bezighouden met welzijnsgerelateerde onderwerpen, zowel landelijk als lokaal. Zij is vice-voorzitter van de VVD afdeling Woerden. In 2007 besloot zij om haar baan bij de MOgroep op te zeggen. Nieuwe mogelijkheden dienden zich aan en de politiek lokte. In dat jaar werd zij als VVD`er gekozen tot lid van de Provinciale Staten in de Provincie Utrecht. Daar is zij onder meer woordvoerder Jeugdzorg en bestuurslid van de VVD-fractie. Bestuurlijk ervaring deed zij op als lid van de Raad van Toezicht van wooncentrum Nieuw Batestein in Harmelen en van de welzijnsorganisatie Plein 2 in Woerden. Betrokkenheid bij de sector welzijn en het welzijnswerk loopt als een rode draad door haar leven. Zowel in het uitvoerend werk, als ook bestuurlijk en vanuit beleid en politiek zet zij zich hiervoor in.
Pierre van der Schaaf (1945) werd, na zijn middelbare schoolopleiding, opgeleid tot musicus aan het Amsterdamsch Conservatorium. Na enkele jaren als uitvoerend musicus (violist en altviolist), dirigent en docent te hebben gewerkt verruilde hij die werkzaamheden voor de functie van directeur van enkele instellingen voor kunsteducatie (Tiel en Breda).Vanaf 1980 bouwde hij zijn werkzaamheden als uitvoerend musicus en dirigent noodgedwongen af vanwege fysieke problemen om zich vervolgens geheel te wijden aan het managen van instellingen.
In 1994 werd hij benoemd tot plaatsvervangend directeur van de vakdirectie Welzijn binnen de gemeente Breda, een functie die hij in 1997 inruilde voor hoofd van het projectbureau met als primaire opdracht het, in het kader van de gemeentelijke herindeling, tot stand brengen van een nieuw subsidie- en accommodatiebeleid. Daarnaast werd hij o.a. belast met het vanuit de gemeente interveniëren in crisissituaties bij professionele gesubsidieerde instellingen.
Vanaf 2000 weekte hij zich langzamerhand los van zijn ambtelijke werkzaamheden om zich vanaf 2004, vanuit zijn eigen bedrijf geheel te wijden aan het verzorgen van cursussen en trainingen voor ambtenaren, het geven van advies aan zowel gemeenten als gesubsidieerde instellingen, het (bege)leiden van projecten en het vervullen van interim-management. Dit alles met name op de beleidsterreinen welzijn, sport en cultuur en met het accent op subsidie- en accommodatiebeleid.
Monique Smit – Van den Ham (1970) studeerde bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Met een specialisatie in de marketing was het een logische stap om als product manager aan de slag te gaan. Na een aantal jaar verruilde zij haar commerciële functie voor een baan bij de toenmalige Dienst Welzijn van de Gemeente Utrecht. Het commerciële werk gaf haar te weinig voldoening en gaf haar het gevoel onvoldoende maatschappelijk betrokken te zijn. Bij de Gemeente Utrecht was die betrokkenheid er wel.
Monique werkte tien jaar bij de gemeente Utrecht. Eerst bij de Dienst Welzijn, als financiële gesprekspartner vanuit de gemeente voor een grote diversiteit aan Utrechtse welzijnsinstellingen. Later als financieel adviseur van het programma Leidsche Rijn van de toen gevormde Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling. Zij was projectleider voor de invoering van de euro en projectleider dualisering, waarbij de werkwijze van burgemeester en wethouders, de gemeenteraad en de ambtelijke organisatie werden getransformeerd naar het nieuwe, wettelijke duale bestel.
Van 2001 tot en met 2003 volgde zij het Mastertraject Metropool, waarbij zij de titel Master of City Administration behaalde. Metropool is een opleiding voor jonge, hoogopgeleide medewerkers van overheidsorganisaties en andere instellingen die zich richten op de publieke sector, die zich verder willen ontwikkelen in het opereren in de complexiteit van de grootstedelijke context.
Van 2003 werkte Monique als bestuursadviseur van burgemeester Brouwer en later van de wethouder Economische en Sociale zaken, Stadspromotie en Evenementen, Marka Spit.
In 2007 pakte Monique haar werkzaamheden in het financiële vak weer op, als controller bij een ouderenzorgorganisatie in Hilversum. Vanaf het najaar 2010 gaat zij de functie van manager control combineren met de studie Master of Information Management aan de TiasNimbas Business School in Tilburg.
Monique kent Stichting Stade vanuit de periode dat zij werkzaam was voor de Gemeente Utrecht. De stad Utrecht en daarbinnen het welzijnswerk draagt zij nog steeds een warm hart toe. Vandaar dat zij haar kennis van en ervaring in financiën en bedrijfsvoering graag toepast in haar functie als lid van de Raad van Toezicht van Stichting Stade. Monique is daarnaast ook lid van de Raad van Toezicht van het AKJ, het Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg te Amsterdam.
Rob Bijl (1955) studeerde (welzijns)sociologie aan de universiteit van Nijmegen. Na zijn studie heeft hij een aantal jaren bij die universiteit gewerkt op het gebied van bevolkingsonderzoek naar psychische problemen. In 1985 maakte hij de overstap naar het Nederlands Centrum Geestelijke Volksgezondheid (thans Trimbos-instituut) in Utrecht. Als onderzoeker, en later als hoofd van een onderzoeksgroep richtte hij zijn aandacht op arbeidsongeschiktheid ten gevolge van psychische problemen en op het onderwerp hulpzoekgedrag en de redenen waarom mensen (geen) hulp zoeken voor hun psychische en verslavingsproblemen. In 1995 heeft hij het eerste grote onderzoek in de Nederlandse bevolking naar psychiatrische stoornissen en kwaliteit van leven opgezet. Dit onderzoek (NEMESIS geheten) is ook internationaal nog altijd gezaghebbend.Het psychisch welbevinden van mensen en de geestelijke gezondheidszorg hebben nog altijd zijn grote belangstelling. Op dit moment is hij o.a. lid van de Raad van Bestuur van GGZ Centraal in Amersfoort.
In 2001 maakte hij een overstap naar het WODC, het onderzoeksinstituut van het ministerie van Justitie in Den Haag. Daar is hij eerst gestart als hoofd van een onderzoeksafdeling op het gebied van jeugdcriminaliteit en preventie. Enkele jaren later is hij gevraagd een afdeling op te zetten die zich ging richten op integratiekwesties. Integratie van etnische minderheden was toen een thema van Justitie. In die periode heeft hij veel ervaring opgedaan met veranderingsprocessen in organisaties en met de politieke realiteit in Den Haag. In toenemende mate werden zijn activiteiten ook internationaler: hij maakt o.a. deel uit van een raad van toezicht van een internationaal netwerk van een twintigtal Europese onderzoeksinstituten op het gebied van migratie en integratie van minderheden.
Sinds 2006 is hij adjunct-directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau in Den Haag. Dat instituut heeft als missie het onderzoeken en in de tijd volgen van het welzijn en de kwaliteit van leven van de Nederlandse burgers. Dat is een heel breed terrein, en het werk gaat dan ook onder meer over armoede, slachtofferschap, kwaliteit van de langdurige zorg voor gehandicapten, evaluatie van de WMO, het vertrouwen van burgers, jeugdzorg, de kwaliteit van het onderwijs, en de integratie van etnische minderheden. Naast zijn bestuurlijke taken is hij ook nog altijd wetenschappelijk actief, via publicaties en lezingen, op dat laatste terrein van integratie.
Als aanvulling op zijn SCP-werk, dat vooral landelijk reikwijdte heeft, is hij op gemeenteniveau ook nog actief als lid van de Rekenkamer van de gemeente Utrecht.
Pierre Mehlkopf (1953) raakte bij toeval verzeild in het welzijnswerk en besloot er zijn vak van te maken. Hij volgde de deeltijdopleiding aan de sociale academie de Horst en aansluitend de studie andragologie aan de UvA (kandidaats). Hij was coördinator van een werklozenprojecten in Nijmegen en de Amsterdamse Bijlmermeer. In die laatste wijk was hij later ook actief als wijkopbouwwerker.
In 1987 werd hij door de gemeente Amsterdam gevraagd als projectleider Jongeren op Achterstand. Aansluitend werkte hij voor het coördinatiebureau Minderhedenbeleid en als projectleider bij de dienst Welzijn Amsterdam. In 1995 werd hij hoofd jeugdbeleid en projectleider Jeugd & Veiligheid en vanuit de stadsregio verantwoordelijk voor de ambtelijke sturing op de jeugdzorg. In 1999 werd hij door (toen nog Moret, Ernst & Young) Capgemini benaderd om de overstap te maken naar organisatieadvies in de sociale sector. Hier heeft hij tot 2009 gewerkt, sinds 2003 in deeltijd. Hij deed opdrachten voor ministeries, provincies, gemeenten en instellingen op thema’s als jeugdzorg, reclassering en GGZ als programmamanager, strategisch adviseur, trainer en coach. Van 2003 tot eind 2005 ontwikkelde hij voor de provincie Limburg de werkmethode gezinscoaching. Van 2006 tot 2012 was hij verbonden aan de hogeschool Inholland als associate lector grootstedelijk onderwijs en jeugdbeleid. Sinds medio 2009 is hij zelfstandig organisatie-adviseur in het sociale domein (Bureau Jericho)
Daarmee lijkt de cirkel weer rond te worden. Aandacht voor de kwaliteit van de uitvoering staat meer en meer centraal. Twee vragen hebben daarbij zijn bijzondere interesse: wordt iedereen wel bereikt (uitsluiting) en hoe geven professionals hun onderlinge samenwerking vorm.
Samenstelling van het bestuur van Stichting Stade
G. Jongetjes (directeur bestuurder)
Gert Jongetjes (1957) is opgegroeid in een volksbuurt in de Stad Utrecht en maakte in de zestiger jaren na schooltijd kennis met het Cluphuis Oudwijk. Vanaf 1973 was hij vervolgens vrijwilliger in het buurtwerk in Oudwijk. Deze ervaringen in de praktijk van het welzijnswerk wekten zozeer de belangstelling op dat Gert Jongetjes in 1976 startte op de sociale academie om een studie opbouwwerk te gaan doen.
In 1977 kwam Gert Jongetjes te werken in de Utrechtse Betonbuurt (ook wel Geuzenwijk genoemd) als stagiair. Uiteindelijk is hij in deze buurt vijf jaren gebleven en vervulde functies op terreinen van opbouwwerk, materiële hulpverlening en management. Vervolgens werd zijn opbouwwerkloopbaan voortgezet in de Eerste Daalsebuurt waar hij van 1982 tot en met 1984 bewonersgroepen ondersteunde bij stadsvernieuwingsproblemen. In 1984 werd hij naast de opbouwwerktaken ook eindverantwoordelijk leidinggevende over al het welzijnswerk in deze buurt. Deze werkzaamheden heeft hij uiteindelijk tot in 1991 gedaan. In 1991 werd Gert Jongetjes interim directeur van Stichting Strand. Deze stedelijke organisatie gaf destijds uitvoering aan het Utrechtse straathoekwerk en randgroepenwerk in de Utrechtse binnenstad.
Via een grootscheepse reorganisatie van al het Utrechtse welzijnswerk werden in 1993 de voorbereidingen getroffen voor het oprichten van Stichting Stade, welke 14 zelfstandige instellingen moest gaan opvolgen. Gert Jongetjes heeft als ambtelijk secretaris een bijdrage geleverd aan de totstandkoming van Stichting Stade per 1 januari 1994.
Binnen Stichting Stade heeft Gert Jongetjes verschillende functies bekleed op het gebied van advisering en management. Hij heeft uitvoering gegeven aan diverse adviestrajecten in opdracht van overheden en andere instellingen, met name op het gebied van bedrijfsvoering en jeugdbeleid.
Sinds de splitsing van Stade in 2005 in Stichting Stade en Stade Advies BV is Gert Jongetjes directeur bestuurder van Stichting Stade.