Adoptie heeft een enorme invloed op het leven van alle betrokkenen. Dit geldt voor de biologische ouders, de geadopteerde en de adoptieouders. Fiom Utrecht begeleidt alle betrokkenen, die door de adoptie een levenslange band aangaan.
Biologische ouder(s)
In het verleden heb je je kind afgestaan ter adoptie. Als je terugdenkt aan die periode kan dat (heftige) emoties oproepen. Velen ervaren de afstand van hun kind als gedwongen: door ouders, (ex-)partner of situatie. De afstand moest geheim blijven voor de buitenwereld. Moeders en vaders hebben daarom lange tijd, soms tot op de dag van vandaag, met niemand gesproken over deze zwangerschap, geboorte en afstand.
Er kan zich een moment in je leven voordoen, dat je eraan wordt herinnerd en erover wilt praten. Dat kan niet altijd in de eigen omgeving, bijvoorbeeld omdat de schaamte erg groot is of omdat het nog steeds een geheim is. Misschien wil je op zoek gaan naar je kind en vraag je je af of contact mogelijk is.
Geadopteerden
Je bent kind van twee ouderparen. Je biologische ouders hebben je het leven gegeven, je adoptieouders hebben je verzorgd en opgevoed. Van je biologische ouders heb je je uiterlijk en genen gekregen, van je adoptieouders het voorbeeld en met hen heb je een gezamenlijke geschiedenis.
Mogelijk worstel je met de volgende vragen:
• Wie ben ik eigenlijk?
• Wie zijn mijn biologische ouders?
• Hoe leef ik met het gegeven dat ik niet welkom was bij mijn biologische ouders en heel welkom bij mijn adoptieouders?
• Wil ik op zoek gaan naar mijn biologische ouders en willen zij contact met mij?
Voor hulp hierbij kun je bij ons terecht. Ook helpen we zoeken naar familieleden.
Adoptieouders
Als adoptieouder ben je ouder van een kind van twee ouderparen. Delen van de voorgeschiedenis van je kind zullen onbekend zijn en vragen oproepen. Zo kun je je bij het gedrag van je kind afvragen of het een gevolg van ‘vroeger’ is of een reactie op het hier en nu. Je kind vormt geen onderdeel van de biologische familielijn en ‘lijkt niet op tante Truus of oom Henk’. Veel adoptieouders voelen zich extra bekeken en ervaren druk om het goed te doen. Dit kan onzeker maken en twijfels oproepen. Verdriet om de biologische kinderloosheid kan dit versterken.